Trump: ‘We are under invasion from within’

Is de Trump-regering serieus van plan het leger op grote schaal in te zetten tegen “binnenlandse onlusten”? Zo ja, dan rijst de vraag wat daarachter zit. Er zijn immers geen grootschalige onlusten laat staan een dreigende burgeroorlog. Dus: is het serieus?

“Binnenlandse oorlog” serieuze optie?

Op de marinebasis Quantico in het Amerikaanse Virginia vond afgelopen dinsdag een bizarre bijeenkomst plaats. Achthonderd (!) topmilitairen – generaals en admiralen – waren door minister van defensie Pete Hegseth met spoed opgetrommeld. Ook vanaf verre posten – Philippijnen, Perzische Golf, Zwarte Zee – waar spanningen hoog oplopen.

Trump hield een redevoering, zijn boodschap was warrig maar levensgevaarlijk: Amerika wordt bedreigd door een vijand van binnenuit, níet een buitenlandse vijand: That’s a war too. It’s a war from within. Deze dreiging zou gevaarlijker zijn dan welke buitenlandse dreiging ook, inclusief die van China. Het was een onwezenlijk theater: de volledige legertop zat daar dicht op elkaar gepakt in een ambiance als bij een toespraak van de Leider van Noord-Korea.

Amerika’s vijand zit volgens de president vooral in de grote steden, een mengsel van ‘radical left’ (waaronder gekozen Congresleden), criminele immigranten en de wereld van drugs en misdaad. De verzamelde legertop werd weinig subtiel gewaarschuwd: “This is gonna be a big thing for the people in this room because it’s the enemy from within and we have to handle it before it gets out of control.” Zie hier, hier en hier wat gerenommeerde retired generals er deze week over zeiden.

Serieuze voorbereidingen in gang

Artikel II van de grondwet benoemt de president tot opperbevelhebber van het leger en de marine. Trump dinsdag tot de generaals: “Last month, I signed an executive order to provide training for a quick reaction force that can help quell civil disturbances (…) top military officers will play part in ‘war from within’ in major US cities.” De president heeft in de afgelopen weken al militairen gestuurd naar Los Angeles, Washington, DC, Memphis/Tennessee en Portland/Oregon. Dinsdag suggereerde hij dat binnenkort andere steden volgen, onder andere San Francisco, Chicago en New York. Hij eiste van het militaire apparaat dat het reageert op perceived threats at home waaronder riots and unauthorised immigration. Nu zullen Trump en Hegseth zeker niet zo naïef zijn om te veronderstellen dat gepolitiseerd militair machtsvertoon in dergelijke steden geen rellen en straatgevechten uitlokt. Sterker nog, het lijkt mij dat dat ook de bedoeling is: That’s a war too.

De structuur van de Amerikaanse democratie

De Grondwet volgens het 10e Amendement geeft alle bevoegdheden aan de afzonderlijke staten, tenzij expliciet anders bepaald. Wet- en ordehandhaving is in dit systeem de bevoegdheid van de staten. Het sturen van militairen naar steden zal dus naast agressie op straat ook juridisch verzet oproepen. Dat verzet komt inmiddels op gang. Maar ook bestuurlijk verzet: de gouverneur van Californië haalde ermee de wereldpers. En burgemeester Brandon Johnson van Chicago announced on Saturday that he was signing the so-called Protecting Chicago Initiative amid what he said were “credible reports” that Chicago could see militarised activity by the federal government within days.

Wat hier zichtbaar wordt lijkt de voorbode van aanzienlijke problemen: militarisering van ordehandhaving in de grote steden in een context van ongekend felle politieke strijd op landelijk niveau en onrust aan de universiteiten (de “kanarie in de kolenmijn”). Een regering die deze strijd doelbewust aangaat heeft daar bezien vanuit zijn eigen belang en machtspositie, zwaarwegende redenen voor. Maar welke?

Wat speelt er op de achtergrond?

De Amerikaanse bevolking begint te merken dat Amerika zijn status van enige supermacht verliest. Toch houdt het land wereldwijd 800 militaire bases in stand, het defensiebudget groeit verder, oorlogen worden gevoerd (Oekraïne) of voorbereid (Israël/Iran, Venezuela). Financiële ruimte voor de lagere en midden-inkomensgroepen is er niet. De war-on-tariffs begint voor die groepen ook nog eens verkeerd uit te pakken. Trumps populariteit is spectaculair gedaald terwijl een impeachment beweging op gang komt. De president verkeert kortom in een situatie waaruit zelfs een slangenmens zich moeilijk kan bevrijden.

Afleidingsmanoeuvre?

Een gefabriceerde crisis, zoals een “oorlog in het binnenland” zou de aandacht kunnen afleiden van de problemen die niet worden opgelost. De president ziet namelijk geen kans om de Oekraïne-oorlog te beëindigen terwijl hij al voor zijn aantreden beloofde “Bidens oorlog” binnen een week te kunnen stoppen. Gevaarlijker nog voor de president is de massaslachting in de Gazastrook. Het wordt steeds duidelijker ook voor de MAGA-achterban van de president, dat ‘de machtigste man ter wereld’ geen kans ziet om Israël in het gelid te zetten: the tail waggles the dog. Informatie over wat er in Gaza gebeurt dringt door in brede lagen van de Amerikaanse bevolking, vooral bij de jongere leeftijdsgroepen. Verrassend genoeg ook in de MAGA-achterban die het meer moet hebben van de sociale media dan van de traditionele informatiebronnen. Zo begon de razend populaire en onlangs vermoordde Charley Kirk dit jaar twijfel over Israël te zaaien onder zijn christelijke achterban. De zeer invloedrijke en (nog) Trump vriend Tucker Carlson doet hetzelfde bij een groter publiek. En dan is er een derde probleem dat een sluimerend probleem lijkt maar dat een politieke kernbom kan worden … de Epstein affaire.

Most Americans want the Epstein files released, poll finds (02/10/2025)

De regering Trump doet er tot nu toe alles aan om het openbaar worden van de Epstein files te voorkomen en treedt daarmee in de voetsporen van Biden. Maar als dat desondanks toch gebeurt dan zijn twee politiek desastreuze gevolgen mogelijk. Ten eerste, het in opspraak raken van invloedrijke Democraten en Republikeinen, onder wie Trump zelf. Ten tweede, het bekend worden van de rol van de Israëlische geheime dienst in deze affaire of op zijn minst het oprakelen van de discussie over mogelijke betrokkenheid. Als men deze twee punten combineert dan doemt de vraag op of de president van de VS chantabel is. Zie dit commentaar van prof. John Mearsheimer.

Klassieke oplossing: afleidingsmanoeuvre

Als een politieke knoop niet meer te ontwarren is kan oorlog een oplossing zijn: de rally round the flag. In het geval van Trump, een ‘oorlog’ in de Verenigde Staten zelf en bij voorkeur in door Democraten bestuurde grote steden.

Het zal geen toeval zijn dat op dit moment op de burelen in Washington het concept ligt van de nieuwe National Defence Strategy: “… prioritize protecting the homeland and Western Hemisphere, a striking reversal from the military’s yearslong mandate to focus on the threat from China”.

Israël: Theocratie of niet? II

David Ben-Goerion, 14 mei 1948 bij de oprichting van Israël

Het broeit al een tijd binnen de Democratische Partij rond de jaarlijkse militaire steun aan Israël. Biden en zijn ambassadeur Tom Nides in Israël werden afgeserveerd toen zij indringende waarschuwingen afgaven. Netanyahu in een tweet voor zijn eigen achterban: ‘Israel is a sovereign country which makes its decisions by the will of its people and not based on pressures from abroad, including from the best of friends.’ Op de jaarlijkse Elmau-conferentie in Beieren, een walhalla van politieke correctheid als het gaat om de transatlantische relatie waarschuwden Barak Medina, staatsrechtgeleerde uit Jeruzalem en de historicus Dan Diner voor de laatste maal dat het ontbreken van een grondwet fataal is. De historicus Michael Wolffsohn verwacht emigratie van ashkenasische (Europees-Amerikaanse) Joden.

Op weg naar theocratie?

De Voice of America vat de crisis in Israël samen zoals de meeste westerse media dat doen: “Parliament is expected to vote Monday (24 juli, JS) on a bill that would curtail the Supreme Court’s oversight powers by limiting its ability to strike down decisions (van het parlement, de Knesseth) it deems ‘unreasonable.’” Ook de berichtgeving in onze media laat meestal een zeer relevante kwestie buiten beschouwing: Waarom heeft Israël geen grondwet en waarom is die ook niet in de maak.

De achterliggende strijd binnen joods Israël gaat over wel of geen theocratische staat. Nog los van de miserabele figuur Netanyahu is de theocratie aan de winnende hand. Drie cruciale episodes in de geschiedenis van de joodse staat legden daarvoor de basis. De demografie doet de rest.

1900-2023: religie de rode draad

1. De Joodse Congressen die rond 1900 in Europa werden gehouden, geleid door een seculiere elite, gaven het Judaïsme (joodse godsdienst) op pragmatische gronden toegang tot het concept Joodse Staat. De socioloog Baruch Kimmerling spreekt later van een seculiere (nationalistische) religie. De ‘terugkeer’ naar het heilige Land kwam, zeker op emotioneel niveau centraal te staan. De vroege zionisten kregen al snel in de gaten dat zij het voor massale emigratie moesten hebben van de verarmde Oost-Europese Joden. Voor de meer of minder geassimileerde en geseculariseerde West-Europese Joden speelde het religieuze element in het narratief van de Terugkeer geen rol van betekenis. De religieuze traditie en de symbolen waren een krachtige motivator.

2. Ben-Goerion en de Knesseth zagen in 1948-1950 af van een grondwet voor de nieuwe staat, ter vermijding van een politiek conflict met de religieuzen die overigens toen nog een kleine minderheid waren. Dat was een glibberig pad want er was dus geen hogere wet waaraan door het parlement voorgenomen of aangenomen wetgeving getoetst kon worden. Het Hooggerechtshof is deze lacune vanaf ongeveer 1990 min of meer gaan opvullen door besluiten van de Knesseth te toetsen op criteria als ‘redelijkheid’.

3. Tot ongeveer 1985 heerste een Europees-joodse minderheid (‘Tel Aviv’, ‘de kust’) over de politiek en de economie. Zij pacificeerden de streng religieuzen door belangrijke concessies te doen en hun narratief gedeeltelijk over te nemen. Voorbeeld: niet ‘de Westelijke Jordaanoever’ maar ‘Judea en Samaria’; daar werden goedkope, zwaar gesubsidieerde huizen voor hen gebouwd. Tussen 1980 en 2000 namen coalities van ‘Sowjet-Joden’, joden afkomstig uit het Midden-Oosten en ultra-orthodoxen geleidelijk de politieke macht over. De laatste twee decennia schoppen deze ‘Netanyahu’-coalities aan tegen wat zij zien als activistische rechtspraak door het Hooggerechtshof. Ook de legertop en de veiligheidsdiensten staan wat religieuze neutraliteit betreft op omvallen.    

Onomkeerbare stappen

Israël heeft zich militair, politiek en qua infrastructuur volledig ingegraven in de bezette gebieden. Schoolboekjes doen al tientallen jaren alsof daar uitsluitend Joden wonen. De weg naar theocratie loopt bijvoorbeeld ook over de kwestie, ‘wie is Jood?’. De orthodoxe geestelijkheid heeft daar een stevige greep op, dus ook op alles rond huwelijk, geboorte, begrafenis en Israëlische nationaliteit. Mensen als Dan Diner voeren een achterhoedegevecht.

Het verder uiteengroeien van Israël en de joodse gemeenschappen in zowel Europa als de VS zal een van de gevolgen zijn en daarmee zal het mentale isolement van joods Israël toenemen.

Vervolg

In een derde artikel over de actuele spanningen in Israël ga ik in op het probleem van de grondwet en waarom ik die ook niet zie komen.

Israël: Theocratie of niet? I

Kissinger regeerde het Midden-Oosten, Kerry overlegde, Blinken ruimt de rommel op

Stel je voor: twee ervaren bergwandelaars zeggen op weg te zijn naar de top. Vreemd genoeg volgen zij een pad dat steeds verder naar beneden slingert. Terwijl zij goed bekend zijn in het terrein. Zelfs bijna aangekomen in het dal houden zij elkaar voor op weg te zijn naar de top. Toch zijn deze bergklimmers niet dom. Hier is dus iets anders aan de hand.

Amerika en Europa, die beide de situatie op de grond goed kennen, houden vol op weg te zijn naar de ’twee staten oplossing’. Dertig jaar geleden spraken zij met de Israëlische regering af op weg te gaan: één staat voor de Joden, één staat voor de Palestijnen. In de beoogde Palestijnse staat (met de Westelijke Jordaanoever als kern) stroomden echter steeds meer Joden binnen. Amerika en Europa waarschuwden de Israëlische regering om op te houden met het vestigen van Joden in het verkeerde land. Zelfs tot de dag van vandaag gaan zij door met waarschuwen. Vreemd! Wat is hier gaande?      

Minister Blinken waarschuwt

Onlangs was de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Blinken in Israël. Hij zei: De VS blijven zich inzetten voor de twee staten oplossing, het is de “enige weg”. Alles wat daarmee in strijd is, zal de veiligheid van Israël en op lange termijn zijn identiteit schaden.

Om dit te begrijpen moeten wij ons eens voorstellen dat Blinken in plaats daarvan het volgende zou hebben gezegd: Geachte Israëlische regering, wij zijn dertig jaar verder, 600.000 Joden hebben zich nu in het verkeerde land gevestigd en uw regering kondigt zelfs aan dat dat er nog meer worden. De realiteit heeft ons ingehaald. Ik zie nog maar één uitweg: u vormt met de Palestijnen samen één staat, een federatieve staat wat ons betreft en u blijft rustig door elkaar wonen en behandelt elkaar als gelijken. Stelt u zich ook voor dat de Europese Unie zich de volgende ochtend bij de heer Blinken zou aansluiten.

Wat zou het gevolg zijn?

Scenario A. “Er komt een enorm bloedbad tussen Joden en Palestijnen als de Israëlische regering zou toegeven.”

Onzin, dat werd ook voor Zuid-Afrika voorspeld na de apartheid, terwijl daar een blanke minderheid tegenover een overweldigende meerderheid van onderdrukte zwarten stond.

Scenario B: Eveneens nadat minister Blinken zijn imaginaire verklaring zou hebben afgelegd:

1. De Israëlische regering en alle lobbyorganisaties, ultra-orthodoxe en orthodoxe gemeenschappen en conservatives zouden president Biden in grote problemen brengen: “Uw minister is uit op het vernietigen van de joodse staat.” (formeel gezien zou inderdaad de staat waarin alleen Joden volgens de wet volwaardig burger zijn ophouden te bestaan).

2. De Duitse regering verklaart elk Europees besluit in die richting te zullen blokkeren: “vernietiging van de Joodse staat is ondenkbaar na de holocaust”.

3. Brussel (de EU) zwijgt dus.

4. Heilige verontwaardiging bij de veertig miljoen evangelicale christenen in de VS. Initiatieven in het Congres van de Republikeinen en een deel van de Democraten dwingen de president tot een knieval: “aan de exclusief joodse staat wordt niet getornd”. Exit Blinken.

5. De republikeinen blijven daarna met succes het conflict binnen de Democratische Partij aanwakkeren. Voor Joe Biden wordt de kwestie een blok aan zijn been tijdens de campagne voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

6. De rust keert weer. Washington, Brussel en Berlijn blijven elkaar gevangen houden in de patstelling van de ‘tweestatenoplossing’.

In de komende tijd

Joods Israël radicaliseert verder, ook de jongere generaties Palestijnen. De vervreemding ten opzichte van de joodse staat neemt toe bij de media en de publieke opinie in het Westen, ook bij veel seculiere en liberale Joden. De VS gaan intussen (om andere redenen) door met meer afstand nemen van het Midden-Oosten, terwijl een recente opiniepeiling in dat land aangeeft dat voor 73% van de Amerikanen democratie in Israël zwaarder weegt dan het exclusief joodse karakter. In Europa zal het ‘stilstaand water’ blijven rond het thema Israël, geen carrièrepoliticus waagt zich nog aan het onderwerp.

Toch, onder het oppervlak blijft iets gisten en broeien.

(Deel II van deze serie korte artikelen over de Israël problematiek gaat over hoe de joodse staat zich in deze situatie heeft gemanoeuvreerd.)

Vladimir Ze’ev Jabotinsky

(Dit artikel werd eerder geplaatst (met hier niet weergegeven bronnenoverzicht) op Kenniscentrum Israël/Palestina. Hier zijn kleine redactionele wijzigingen aangebracht.)

Vladimir Jabotinsky was een uitzonderlijke figuur. Hij staat bekend, grotendeels terecht, als een rechtse houdegen binnen de wereld van joodse paramilitaire milities in het Palestina van de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw. Hij speelde een belangrijke rol in het ontstaan van de staat Israël. Als zionistische leider kreeg hij blijvende bekendheid als de stichter van de militante Zionistisch Revisionistische beweging.

Jabotinsky was achttien toen hij vanuit Odessa zijn carrière begon als buitenlandcorrespondent. Al zeer jong verbleef hij in Bern en Rome voor studie. Om zijn literaire vaardigheden werd hij al snel bekend. Op zijn twintigste werd hij chef van de redactie cultuur van het prestigieuze (Russische) Odessa Nieuws waarin hij schreef onder pseudoniem Altalena. Ook als spreker bleek hij een natuurtalent. Beide vaardigheden zette hij in om zijn zionistische visie uit te dragen, gericht op het ‘herstel’ en de oprichting van een joodse nationale staat in Palestina. In 1903 vertegenwoordigde hij zionistische groepen op het zesde zionistische congres in Bazel en in 1908 verdedigde hij de zionistische zaak in het Ottomaanse Istanboel. Aanvankelijk bepleitte Jabotinsky vooral de culturele kant van het zionisme en het bevorderen van het Hebreeuws. Van meet af aan keerde hij zich tegen de Bund en andere niet- en anti-zionistische joodse organisaties.

Militaire leider met strategische visie

Al spoedig begon hij zich in te zetten voor de bewapening van de zionistische beweging.1 Jabotinsky werd een man van het politieke zionisme, het ging om een joodse staat. En militaire kracht was de enige weg daarheen, gecombineerd met een strakke commandostructuur en een diepe afkeer van diplomatie en onderhandelingen. Tijdens de oorlog (1914- 1918) zag hij in dat het Ottomaanse Rijk waartoe Palestina toen behoorde, de strijd ging verliezen en dat dat de joden de kans zou bieden om Palestina te koloniseren. Voorwaarde zou dan wel zijn dat de joden krediet zouden opbouwen bij de geallieerden, met name Frankrijk en Groot-Brittannië, door met hen mee te vechten. Jabotinsky nam de leiding van een joods legioen dat meevocht met de Britse strijdkrachten. Hij overtuigde de Britse regering om toe te staan dat joodse vluchtelingen uit het Ottomaanse Rijk militair werden ingeschakeld. Nadat in 1920 de Britten Palestina hadden veroverd werd hij een van de oprichters van de joodse strijdgroep Haganah die zich richtte tegen de Palestijnse Arabieren. Toen de Britten hem tot vijftien jaar dwangarbeid veroordeelden, veroorzaakte dat een zodanige protestbeweging, ook internationaal dat hij amnestie kreeg. Daarna werd hij actief in verschillende internationale zionistische organisaties, waaronder de Wereldunie van Zionistische Revisionisten (in 1925).

Midden jaren ’20 integreerde hij de militante jeugdorganisatie Betar in de Wereldunie van Revisionistisch Zionisten. Betar was vooral het product van het militante zionisme uit Oost-Europa, de Baltische landen, Polen en joodse gemeenschappen in Noord- en Zuid-Amerika en paste als fenomeen in de opkomende fascistoïde jeugdorganisaties in Duitsland en Italië. In het midden van de jaren ’30 ontstond een splitsing in de iets gematigder Nieuwe Zionistische Organisatie onder leiding van Jabotinsky en de ronduit fascistische stroming. Irgun (Irgun Zvai Leumi) werd de militaire arm van de eerste, LEHI (de ‘Stern Gang’) van de tweede. Jabotinsky bleef een maximalist: tegenover de Peel Commissie bepleitte hij in 1937 het recht van de joden op geheel Palestina inclusief Transjordanië. Zeer tegen de wens van de Britten eiste hij massa-emigratie van joden uit Oost-Europa naar Palestina, het zogenaamde plan Nordau. Hij deed dat vanuit de inschatting dat een nieuwe grote oorlog deze mensen fataal zou worden. Zijn belangrijkste tegenstander was David Ben-Goerion die tot 1964 kon tegenhouden dat Jabotinsky’s stoffelijk overschot naar Israël werd overgebracht, vanuit de Verenigde Staten waar deze tijdens een bezoek in 1940 was overleden. Uit de Irgun die in de jaren ’40 zeer actief bleef kwam later de Herut partij voort die weer de voorloper was van de partij Likoed.

Revisionistisch zionisme

In de gevangenis begon Jabotinsky een extreme vorm van zionisme te ontwikkelen, het revisionistisch zionisme. De revisionisten waren voor een joodse meerderheidsstaat aan beide kanten van de rivier De Jordaan. Zij keerden zich tegen vormen van socialisme en klasse conflicten binnen het zionisme. Jabotinsky bestreed Chaim Weizmann’s blijvende samenwerking met de Britten en het arbeiderszionisme van Ben-Goerion. Daarmee had hij een conflict met de hoofdstroming van het toenmalige zionisme en in feite met de overheersende West-Europese krachten binnen de beweging. In 1931 verliet hij het zionistische congres in Bazel na de afwijzing van zijn resolutie die het vestigen van een joodse staat aan beide zijden van De Jordaan tot doel zou moeten maken. Diplomatie, in de richting van Groot-Brittannië dan wel de Arabieren wees hij af. Alleen de wapens konden beslissen.

Kenmerkend is ook Jabotinsky’s betoog voor de Peel Commissie waar hij stelde dat het probleem van de joden niet alleen voortkwam uit het antisemitisme. Een fundamenteel probleem was in zijn visie de diaspora, de verspreiding van de joden onder verschillende naties die wel over een eigen staat beschikten. Joden vormden een stateloos volk. Nb: Rond de vorige eeuwwisseling implodeerden enkele grote veel-volkeren staten met als gevolg dat allerlei nationaliteiten vanuit die oude verbanden eigen staten konden creëren. Met name in Midden- en Oost-Europa raakten joden vermalen onder het fanatisme en het streven naar etnische zuiverheid waarmee dat veelal gepaard ging. De conclusie van Jabotinsky was dat een eigen staat voor joden waarbinnen zij een meerderheid vormden, een kwestie van leven of dood was en bijgevolg het culturele zionisme en culturele zelfontplooiing een kwestie van secundair belang.

Odessa: décor van Jabotinksky’s vormende jaren

De figuur Jabotinsky en de vanuit onze huidige optiek grote tegenstrijdigheden in zijn persoonlijkheid en zijn zionistische carrière zijn moeilijk te begrijpen zonder een korte schets van het Odessa van het einde van de negentiende, begin twintigste eeuw. Daarom volgt hieronder zo’n schets2. Nb: Voor een begrip van het rechtse zionisme in het algemeen in de periode van de Yishuv (1880 – 1948) zou het noodzakelijk zijn om de positie van de joden in West-Rusland, het Balticum en Polen erbij te betrekken. Van de organisatie Betar waren eind jaren ’30 vijftig duizend jonge Poolse joden lid.

Odessa had binnen het Russische Rijk een bijzondere positie door zijn strategische ligging aan de Zwarte Zee, zijn succes in de handel en zijn welvaart. Het was bovendien een nieuwe stad met een kosmopolitische, moderne stedelijke cultuur, gedragen door Russen en door de vele in betrekkelijk korte tijd toegestroomde joden. Deze joden onderscheidden zich van de overige joden in tsaristisch Rusland door hun secularisme. Een volkstelling in 1897 gaf aan dat de bevolking als volgt was samengesteld: Russen 46%, joden 34%, overigen 20%. De verschillende etnische groepen hadden zeer veel onderling contact maar, zoals Jabotinksky schreef in zijn memoires: ‘We were quite friendly with our Christian classmates, even intimate with them, but we lived apart and considered it a natural thing that could not be otherwise…3 Zoals ook in andere Oost-Europese steden was de joodse gemeenschap sterk vertegenwoordigd in zakelijk-financiële sectoren: (…) they formed 66.2 percent of those involved in commercial activity, 83.3 percent of bankers, 87.5 percent of moneylenders, and 100 percent of moneychangers. They also successfully competed for several “free professions,” such as intelligentsia and artists, reaching a proportion of 42.4 percent of those occupied in those spheres. At the same time, Jews were underrepresented in the category of city workers, which was composed of 16.1 percent of Jews and 83.8 percent of Christians.4

Deze vooraanstaande positie van de joden speelde een belangrijke rol bij het opleven van antisemitisme. Veel niet-joden zagen joden om deze reden als een parasitaire groep binnen de stad. Dit ressentiment leidde tot gewelddadige incidenten en zogenaamde pogroms, en wel in 1821, 1859, 1871, 1881 en 1905 waarbij honderden doden vielen (bron: Zipperstein, The Jews of Odessa, 127). Daaraan werd deelgenomen door, almost every sector of the Christian population contributed to the anti-Jewish agitation and took part in the pogroms, including Greek grain monopolists, wealthy Russian merchants, nationalist Ukrainian intellectuals, those associated with liberal professions, government administration, and the “barefoot.” (bron: Encyclopedia Judaica, 2nd ed., vol. 15 (New York, 2007), s.v. “Odessa.”). Veel joden besloten te emigreren, vooral in de turbulente eerste jaren van de twintigste eeuw. In 1905 waren dat er bijna 50.000.5 Jabotinsky was toen 25 jaar oud en al een prominente figuur in de stad. De situatie verslechterde in ernstige mate in de (omliggende) Oekraïne na de februari revolutie van 1917 en de burgeroorlog. In Odessa zelf vond toen geen pogrom plaats, zeer waarschijnlijk omdat daar een zelfverdedigingseenheid was opgericht bestaande uit ex-officieren en -soldaten van het Russische leger. De ontwikkeling van Jabotinsky van jonge, literair getalenteerde, intellectueel gedreven zionist tot illusieloze militair strateeg heeft tegen achtergrond plaatsgevonden.

De intellectueel Jabotinsky

Jabotinsky werd intellectueel gevormd door de multiculturele en kosmopolitische sfeer in Odessa. Naast zijn eerdergenoemde journalistieke werk liet hij een veelzijdig literair oeuvre na: novellen, drama, poëzie, literaire kritiek, vertalingen en feuilletons. Jabotinsky schreef veel, snel en goed. Een voorbeeld van zo’n artikel – dat bovendien inzicht geeft in zijn beroemd-beruchte ‘Iron Wall’-visie – is: The Iron Wall (origineel in Russisch, gepubliceerd in Razsviet, 4-11-1923)6. Ook in zijn meer politieke geschriften bereikte hij vaak een hoog literair niveau. Een verbazingwekkend voorbeeld daarvan is een artikel over lynchpartijen in Amerika en de onontkoombaarheid van het behoren tot een ras, geschreven in een tijd waarin discriminatie van zwarten weinig opzien baarde.

Jabotinsky was een ‘talenman’. Hij sprak zeker zes talen vloeiend maar zijn liefde gold in het bijzonder het Hebreeuws. Die taal was, ‘the most wonderful of languages, a language of a thousand antonyms, hard and strong as steel, while soft and gleaming as gold’. Hij nam in verschillende Europese landen initiatief tot het oprichten van scholen waar in het Hebreeuws werd lesgegeven en ondersteunde het uitgeven van lesboeken.

De sociale leer

Jabotinsky had een ideaalbeeld van een gemeenschap waarin ieder gelijkwaardig was en gelijke rechten had. Van daaruit schiep hij in gedachten een ideale joodse gemeenschap die trots was op zijn nationale waarden, zeker van zichzelf en doordrenkt van het besef van het hebben van onvervreemdbare rechten. Maar, vóór dat kon worden gerealiseerd moest eerst het ‘laboratorium’ tot stand worden gebracht dat wil zeggen, de joodse staat. Deze volgorde bracht hem in conflict met de sociaal-democratische hoofdstroom van het zionisme. Hij had duidelijke ideeën over het sociale vangnet – het bestrijden van armoede had hoogste prioriteit – waar de staat voor had te zorgen, maar die staat moest er eerst wel zijn.
Hoewel geen religieus mens had (ook) Jabotinsky de godsdienst nodig om tot een enigszins aannemelijke omschrijving van ‘het joodse volk’ te komen. Hij beschouwde de godsdienst als de kern van de joodse cultuur en de Bijbel als de authentieke expressie van de ‘geest’ en ethiek van het volk. Samen met het destijds algemeen gehanteerde begrip ‘ras’ was hiermee voor hem de uniciteit van het joodse volk/natie ten opzichte van andere volken/naties, vastgesteld. Het behoren tot een natie was volgens hem iets dat tot de gevoelswereld van ieder individu behoorde: “the feeling of national selfhood is steeped in the blood of the human being“.
Jabotinsky’s favoriete filosoof was merkwaardig genoeg Nietzsche, de sloper van heilige huisjes: “In our youth, who was the teacher and prophet of all those ignited, who, by their guilt (or to their credit) all the fences in our world now burn? His name was Nietzsche.

De blijvende betekenis van Jabotinsky

Jabotinsky was de held van veel Oost-Europese joden die gemangeld werden tussen de toenemende vijandigheid van buitenaf, de beperkte mogelijkheden om naar Amerika te emigreren en het gebrek aan perspectief dat de traditionele, benauwde eigen gemeenschappen konden bieden.

Kennis van het gedachtegoed van Jabotinsky en het succes van zijn beweging in Polen, Oost-Europa en West-Rusland is essentieel voor begrip van het latere Israëlische militarisme, het fundamentele wantrouwen ten opzichte van de niet-joodse wereld en het daarmee gepaard gaande geringe vermogen tot empathie met niet-joodse ‘vijanden’.
De tijdelijke ‘overwinning’ van de Ashkenasische elite, politiek verenigd in de Israëlische Arbeidspartij, op de revisionistische stroming van Jabotinsky heeft na 1948 drie tot vier decennia lang de onderliggende gedachtewereld van het Oost-Europees zionisme aan het zicht onttrokken. De opkomst van Likoed, mede dankzij de gediscrimineerde ‘Arabische’ Mizrahi heeft de sluier van West-Europese cultuur die over Israël lag grotendeels weggetrokken. Jabotinsky’s invloed bleek blijvend te zijn geweest.

Citaten

  1. There is no other work in the world more splendid than the work of the journalist. The role of the journalist in the field of humanities is like the function of the circulatory system in the body or the role of commerce in international economy.” Jabotinsky, http://en.jabotinsky.org/zeev-jabotinsky/articles/
  2. (As Begin commented in 1965:) Above all, Ze’ev Jabotinsky was the bearer of the vision of the State in our generation. After Herzl, there was none but him to carry on high the vision of redemption – even in the face of renegades. This is the truth. There is no need to elaborate. (Menachem Begin, ‘Ze’ev Jabotinsky: What Did We Learn from Him?’, in Harry Hurwitz, Menachem Begin (Johannesburg, 1977), 49-50.)
  3. Are you interested in the revival of liberalism, the old-fashioned creed of the nineteenth century? I feel its time is coming; I think in about five years it will have enthusiastic crowds of youth to back it and its catchwords will be repeated all the world over with the same hysteria as those of Communism used to be five years ago, those of fascism today; only the effect will be deeper as liberalism has roots in human nature which all barrack-room religions lack. Letter to Mr Bartlett, 9 December 1938, Jabotinsky files 2/28/2, Jabotinsky Institute, Tel Aviv.

Voetnoten

1 https://yivoencyclopedia.org/article.aspx/Jabotinsky_Vladimir
2 (https://journals.openedition.org/monderusse/9324#tocto2n3; Attitudes towards Jews in Odessa: From Soviet rule through Romanian occupation, 1921-1944. Diana Dumitru blz. 133-162)
3 Geciteerd in Herlihy, Odessa: A History, 1794-1914, 255
4 (https://journals.openedition.org/monderusse/9324#tocto2n3; Attitudes towards Jews in Odessa: From Soviet rule through Romanian occupation, 1921-1944. Diana Dumitru blz. 319-320; cijfers hebben betrekking op het jaar 1881
5 Herlihy, Odessa: A History, 1794-1914, 258
6 http://en.jabotinsky.org/media/9747/the-iron-wall.pdf

Israël: klaar voor een tocht terug de woestijn in?

De vijfde Israëlische verkiezingen in vier jaar bezorgden oud-premier Netanyahu en zijn bondgenoten 64 van de 120 parlementszetels. Als je wat preciezer kijkt naar die meerderheid van vier zetels gaat het om een verpletterende overwinning. Netanyahu’s naar Europese maatstaven erg rechtse Likoed partij vormt nu een regering met een paar religieus-nationalistische en ultra-orthodoxe partijen. Verslagen is het centrum-linkse blok zoals de media het allegaartje van anti-Netanyahu partijen noemen.

Continue reading