Vladimir Ze’ev Jabotinsky

(Dit artikel werd eerder geplaatst (met hier niet weergegeven bronnenoverzicht) op Kenniscentrum Israël/Palestina. Hier zijn kleine redactionele wijzigingen aangebracht.)

Vladimir Jabotinsky was een uitzonderlijke figuur. Hij staat bekend, grotendeels terecht, als een rechtse houdegen binnen de wereld van joodse paramilitaire milities in het Palestina van de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw. Hij speelde een belangrijke rol in het ontstaan van de staat Israël. Als zionistische leider kreeg hij blijvende bekendheid als de stichter van de militante Zionistisch Revisionistische beweging.

Jabotinsky was achttien toen hij vanuit Odessa zijn carrière begon als buitenlandcorrespondent. Al zeer jong verbleef hij in Bern en Rome voor studie. Om zijn literaire vaardigheden werd hij al snel bekend. Op zijn twintigste werd hij chef van de redactie cultuur van het prestigieuze (Russische) Odessa Nieuws waarin hij schreef onder pseudoniem Altalena. Ook als spreker bleek hij een natuurtalent. Beide vaardigheden zette hij in om zijn zionistische visie uit te dragen, gericht op het ‘herstel’ en de oprichting van een joodse nationale staat in Palestina. In 1903 vertegenwoordigde hij zionistische groepen op het zesde zionistische congres in Bazel en in 1908 verdedigde hij de zionistische zaak in het Ottomaanse Istanboel. Aanvankelijk bepleitte Jabotinsky vooral de culturele kant van het zionisme en het bevorderen van het Hebreeuws. Van meet af aan keerde hij zich tegen de Bund en andere niet- en anti-zionistische joodse organisaties.

Militaire leider met strategische visie

Al spoedig begon hij zich in te zetten voor de bewapening van de zionistische beweging.1 Jabotinsky werd een man van het politieke zionisme, het ging om een joodse staat. En militaire kracht was de enige weg daarheen, gecombineerd met een strakke commandostructuur en een diepe afkeer van diplomatie en onderhandelingen. Tijdens de oorlog (1914- 1918) zag hij in dat het Ottomaanse Rijk waartoe Palestina toen behoorde, de strijd ging verliezen en dat dat de joden de kans zou bieden om Palestina te koloniseren. Voorwaarde zou dan wel zijn dat de joden krediet zouden opbouwen bij de geallieerden, met name Frankrijk en Groot-Brittannië, door met hen mee te vechten. Jabotinsky nam de leiding van een joods legioen dat meevocht met de Britse strijdkrachten. Hij overtuigde de Britse regering om toe te staan dat joodse vluchtelingen uit het Ottomaanse Rijk militair werden ingeschakeld. Nadat in 1920 de Britten Palestina hadden veroverd werd hij een van de oprichters van de joodse strijdgroep Haganah die zich richtte tegen de Palestijnse Arabieren. Toen de Britten hem tot vijftien jaar dwangarbeid veroordeelden, veroorzaakte dat een zodanige protestbeweging, ook internationaal dat hij amnestie kreeg. Daarna werd hij actief in verschillende internationale zionistische organisaties, waaronder de Wereldunie van Zionistische Revisionisten (in 1925).

Midden jaren ’20 integreerde hij de militante jeugdorganisatie Betar in de Wereldunie van Revisionistisch Zionisten. Betar was vooral het product van het militante zionisme uit Oost-Europa, de Baltische landen, Polen en joodse gemeenschappen in Noord- en Zuid-Amerika en paste als fenomeen in de opkomende fascistoïde jeugdorganisaties in Duitsland en Italië. In het midden van de jaren ’30 ontstond een splitsing in de iets gematigder Nieuwe Zionistische Organisatie onder leiding van Jabotinsky en de ronduit fascistische stroming. Irgun (Irgun Zvai Leumi) werd de militaire arm van de eerste, LEHI (de ‘Stern Gang’) van de tweede. Jabotinsky bleef een maximalist: tegenover de Peel Commissie bepleitte hij in 1937 het recht van de joden op geheel Palestina inclusief Transjordanië. Zeer tegen de wens van de Britten eiste hij massa-emigratie van joden uit Oost-Europa naar Palestina, het zogenaamde plan Nordau. Hij deed dat vanuit de inschatting dat een nieuwe grote oorlog deze mensen fataal zou worden. Zijn belangrijkste tegenstander was David Ben-Goerion die tot 1964 kon tegenhouden dat Jabotinsky’s stoffelijk overschot naar Israël werd overgebracht, vanuit de Verenigde Staten waar deze tijdens een bezoek in 1940 was overleden. Uit de Irgun die in de jaren ’40 zeer actief bleef kwam later de Herut partij voort die weer de voorloper was van de partij Likoed.

Revisionistisch zionisme

In de gevangenis begon Jabotinsky een extreme vorm van zionisme te ontwikkelen, het revisionistisch zionisme. De revisionisten waren voor een joodse meerderheidsstaat aan beide kanten van de rivier De Jordaan. Zij keerden zich tegen vormen van socialisme en klasse conflicten binnen het zionisme. Jabotinsky bestreed Chaim Weizmann’s blijvende samenwerking met de Britten en het arbeiderszionisme van Ben-Goerion. Daarmee had hij een conflict met de hoofdstroming van het toenmalige zionisme en in feite met de overheersende West-Europese krachten binnen de beweging. In 1931 verliet hij het zionistische congres in Bazel na de afwijzing van zijn resolutie die het vestigen van een joodse staat aan beide zijden van De Jordaan tot doel zou moeten maken. Diplomatie, in de richting van Groot-Brittannië dan wel de Arabieren wees hij af. Alleen de wapens konden beslissen.

Kenmerkend is ook Jabotinsky’s betoog voor de Peel Commissie waar hij stelde dat het probleem van de joden niet alleen voortkwam uit het antisemitisme. Een fundamenteel probleem was in zijn visie de diaspora, de verspreiding van de joden onder verschillende naties die wel over een eigen staat beschikten. Joden vormden een stateloos volk. Nb: Rond de vorige eeuwwisseling implodeerden enkele grote veel-volkeren staten met als gevolg dat allerlei nationaliteiten vanuit die oude verbanden eigen staten konden creëren. Met name in Midden- en Oost-Europa raakten joden vermalen onder het fanatisme en het streven naar etnische zuiverheid waarmee dat veelal gepaard ging. De conclusie van Jabotinsky was dat een eigen staat voor joden waarbinnen zij een meerderheid vormden, een kwestie van leven of dood was en bijgevolg het culturele zionisme en culturele zelfontplooiing een kwestie van secundair belang.

Odessa: décor van Jabotinksky’s vormende jaren

De figuur Jabotinsky en de vanuit onze huidige optiek grote tegenstrijdigheden in zijn persoonlijkheid en zijn zionistische carrière zijn moeilijk te begrijpen zonder een korte schets van het Odessa van het einde van de negentiende, begin twintigste eeuw. Daarom volgt hieronder zo’n schets2. Nb: Voor een begrip van het rechtse zionisme in het algemeen in de periode van de Yishuv (1880 – 1948) zou het noodzakelijk zijn om de positie van de joden in West-Rusland, het Balticum en Polen erbij te betrekken. Van de organisatie Betar waren eind jaren ’30 vijftig duizend jonge Poolse joden lid.

Odessa had binnen het Russische Rijk een bijzondere positie door zijn strategische ligging aan de Zwarte Zee, zijn succes in de handel en zijn welvaart. Het was bovendien een nieuwe stad met een kosmopolitische, moderne stedelijke cultuur, gedragen door Russen en door de vele in betrekkelijk korte tijd toegestroomde joden. Deze joden onderscheidden zich van de overige joden in tsaristisch Rusland door hun secularisme. Een volkstelling in 1897 gaf aan dat de bevolking als volgt was samengesteld: Russen 46%, joden 34%, overigen 20%. De verschillende etnische groepen hadden zeer veel onderling contact maar, zoals Jabotinksky schreef in zijn memoires: ‘We were quite friendly with our Christian classmates, even intimate with them, but we lived apart and considered it a natural thing that could not be otherwise…3 Zoals ook in andere Oost-Europese steden was de joodse gemeenschap sterk vertegenwoordigd in zakelijk-financiële sectoren: (…) they formed 66.2 percent of those involved in commercial activity, 83.3 percent of bankers, 87.5 percent of moneylenders, and 100 percent of moneychangers. They also successfully competed for several “free professions,” such as intelligentsia and artists, reaching a proportion of 42.4 percent of those occupied in those spheres. At the same time, Jews were underrepresented in the category of city workers, which was composed of 16.1 percent of Jews and 83.8 percent of Christians.4

Deze vooraanstaande positie van de joden speelde een belangrijke rol bij het opleven van antisemitisme. Veel niet-joden zagen joden om deze reden als een parasitaire groep binnen de stad. Dit ressentiment leidde tot gewelddadige incidenten en zogenaamde pogroms, en wel in 1821, 1859, 1871, 1881 en 1905 waarbij honderden doden vielen (bron: Zipperstein, The Jews of Odessa, 127). Daaraan werd deelgenomen door, almost every sector of the Christian population contributed to the anti-Jewish agitation and took part in the pogroms, including Greek grain monopolists, wealthy Russian merchants, nationalist Ukrainian intellectuals, those associated with liberal professions, government administration, and the “barefoot.” (bron: Encyclopedia Judaica, 2nd ed., vol. 15 (New York, 2007), s.v. “Odessa.”). Veel joden besloten te emigreren, vooral in de turbulente eerste jaren van de twintigste eeuw. In 1905 waren dat er bijna 50.000.5 Jabotinsky was toen 25 jaar oud en al een prominente figuur in de stad. De situatie verslechterde in ernstige mate in de (omliggende) Oekraïne na de februari revolutie van 1917 en de burgeroorlog. In Odessa zelf vond toen geen pogrom plaats, zeer waarschijnlijk omdat daar een zelfverdedigingseenheid was opgericht bestaande uit ex-officieren en -soldaten van het Russische leger. De ontwikkeling van Jabotinsky van jonge, literair getalenteerde, intellectueel gedreven zionist tot illusieloze militair strateeg heeft tegen achtergrond plaatsgevonden.

De intellectueel Jabotinsky

Jabotinsky werd intellectueel gevormd door de multiculturele en kosmopolitische sfeer in Odessa. Naast zijn eerdergenoemde journalistieke werk liet hij een veelzijdig literair oeuvre na: novellen, drama, poëzie, literaire kritiek, vertalingen en feuilletons. Jabotinsky schreef veel, snel en goed. Een voorbeeld van zo’n artikel – dat bovendien inzicht geeft in zijn beroemd-beruchte ‘Iron Wall’-visie – is: The Iron Wall (origineel in Russisch, gepubliceerd in Razsviet, 4-11-1923)6. Ook in zijn meer politieke geschriften bereikte hij vaak een hoog literair niveau. Een verbazingwekkend voorbeeld daarvan is een artikel over lynchpartijen in Amerika en de onontkoombaarheid van het behoren tot een ras, geschreven in een tijd waarin discriminatie van zwarten weinig opzien baarde.

Jabotinsky was een ‘talenman’. Hij sprak zeker zes talen vloeiend maar zijn liefde gold in het bijzonder het Hebreeuws. Die taal was, ‘the most wonderful of languages, a language of a thousand antonyms, hard and strong as steel, while soft and gleaming as gold’. Hij nam in verschillende Europese landen initiatief tot het oprichten van scholen waar in het Hebreeuws werd lesgegeven en ondersteunde het uitgeven van lesboeken.

De sociale leer

Jabotinsky had een ideaalbeeld van een gemeenschap waarin ieder gelijkwaardig was en gelijke rechten had. Van daaruit schiep hij in gedachten een ideale joodse gemeenschap die trots was op zijn nationale waarden, zeker van zichzelf en doordrenkt van het besef van het hebben van onvervreemdbare rechten. Maar, vóór dat kon worden gerealiseerd moest eerst het ‘laboratorium’ tot stand worden gebracht dat wil zeggen, de joodse staat. Deze volgorde bracht hem in conflict met de sociaal-democratische hoofdstroom van het zionisme. Hij had duidelijke ideeën over het sociale vangnet – het bestrijden van armoede had hoogste prioriteit – waar de staat voor had te zorgen, maar die staat moest er eerst wel zijn.
Hoewel geen religieus mens had (ook) Jabotinsky de godsdienst nodig om tot een enigszins aannemelijke omschrijving van ‘het joodse volk’ te komen. Hij beschouwde de godsdienst als de kern van de joodse cultuur en de Bijbel als de authentieke expressie van de ‘geest’ en ethiek van het volk. Samen met het destijds algemeen gehanteerde begrip ‘ras’ was hiermee voor hem de uniciteit van het joodse volk/natie ten opzichte van andere volken/naties, vastgesteld. Het behoren tot een natie was volgens hem iets dat tot de gevoelswereld van ieder individu behoorde: “the feeling of national selfhood is steeped in the blood of the human being“.
Jabotinsky’s favoriete filosoof was merkwaardig genoeg Nietzsche, de sloper van heilige huisjes: “In our youth, who was the teacher and prophet of all those ignited, who, by their guilt (or to their credit) all the fences in our world now burn? His name was Nietzsche.

De blijvende betekenis van Jabotinsky

Jabotinsky was de held van veel Oost-Europese joden die gemangeld werden tussen de toenemende vijandigheid van buitenaf, de beperkte mogelijkheden om naar Amerika te emigreren en het gebrek aan perspectief dat de traditionele, benauwde eigen gemeenschappen konden bieden.

Kennis van het gedachtegoed van Jabotinsky en het succes van zijn beweging in Polen, Oost-Europa en West-Rusland is essentieel voor begrip van het latere Israëlische militarisme, het fundamentele wantrouwen ten opzichte van de niet-joodse wereld en het daarmee gepaard gaande geringe vermogen tot empathie met niet-joodse ‘vijanden’.
De tijdelijke ‘overwinning’ van de Ashkenasische elite, politiek verenigd in de Israëlische Arbeidspartij, op de revisionistische stroming van Jabotinsky heeft na 1948 drie tot vier decennia lang de onderliggende gedachtewereld van het Oost-Europees zionisme aan het zicht onttrokken. De opkomst van Likoed, mede dankzij de gediscrimineerde ‘Arabische’ Mizrahi heeft de sluier van West-Europese cultuur die over Israël lag grotendeels weggetrokken. Jabotinsky’s invloed bleek blijvend te zijn geweest.

Citaten

  1. There is no other work in the world more splendid than the work of the journalist. The role of the journalist in the field of humanities is like the function of the circulatory system in the body or the role of commerce in international economy.” Jabotinsky, http://en.jabotinsky.org/zeev-jabotinsky/articles/
  2. (As Begin commented in 1965:) Above all, Ze’ev Jabotinsky was the bearer of the vision of the State in our generation. After Herzl, there was none but him to carry on high the vision of redemption – even in the face of renegades. This is the truth. There is no need to elaborate. (Menachem Begin, ‘Ze’ev Jabotinsky: What Did We Learn from Him?’, in Harry Hurwitz, Menachem Begin (Johannesburg, 1977), 49-50.)
  3. Are you interested in the revival of liberalism, the old-fashioned creed of the nineteenth century? I feel its time is coming; I think in about five years it will have enthusiastic crowds of youth to back it and its catchwords will be repeated all the world over with the same hysteria as those of Communism used to be five years ago, those of fascism today; only the effect will be deeper as liberalism has roots in human nature which all barrack-room religions lack. Letter to Mr Bartlett, 9 December 1938, Jabotinsky files 2/28/2, Jabotinsky Institute, Tel Aviv.

Voetnoten

1 https://yivoencyclopedia.org/article.aspx/Jabotinsky_Vladimir
2 (https://journals.openedition.org/monderusse/9324#tocto2n3; Attitudes towards Jews in Odessa: From Soviet rule through Romanian occupation, 1921-1944. Diana Dumitru blz. 133-162)
3 Geciteerd in Herlihy, Odessa: A History, 1794-1914, 255
4 (https://journals.openedition.org/monderusse/9324#tocto2n3; Attitudes towards Jews in Odessa: From Soviet rule through Romanian occupation, 1921-1944. Diana Dumitru blz. 319-320; cijfers hebben betrekking op het jaar 1881
5 Herlihy, Odessa: A History, 1794-1914, 258
6 http://en.jabotinsky.org/media/9747/the-iron-wall.pdf

De apocalyps, Extinction Rebellion en de zondige mens

Er dreigt een klimaatramp. Dat leidt tot angst en extreme acties. In Duitsland viel de politie woensdag op vijftien plaatsen binnen bij Letzte Generation. Morgen wordt in Den Haag de A 12 weer geblokkeerd.

De ondergangsgedachte bij de activistische kern doet denken aan voorbije apocalyptische tradities. Extinction Rebellion, Scientist Rebellion en Letzte Generation, zij verenigen elementen van de christelijke Eindtijd en van het marxisme. Er zijn overigens om te beginnen, twee verschillen tussen de aloude christelijke wereldondergang en de zich voltrekkende klimaatramp: a. de mens speelt nu een hoofdrol bij het ontstaan en b. de mens kan er iets tegen doen. Er is geen God in het spel die ons straft of die ons kan helpen.

Deze stellingen doen dus niets af aan de ernst van de feitelijke situatie.

Met het goeddeels verdwijnen van het kerkelijke christendom in Europa ontstaat er blijkbaar ruimte voor een nieuwe invulling van de apocalyps. De ingrediënten? 1. De wereld gaat ten onder. 2. Er is een voorhoede die de waarheid verkondigt. 3. Er zijn zondaars, die de mensheid in het verderf voeren (en zij zijn onverbeterlijk). 4. De andere mensen zijn onwetend maar zij kunnen de wereld redden door tot inzicht te komen.

Het heilige land

Tien jaar terug stond ik op de Olijfberg iets ten oosten van Jeruzalem. God zou daar staan op de dag des oordeels. Wat ik er voelde was een kleiner apocalypsje, namelijk het komende einde van Israël als joodse staat. Extinction Rebellion ziet het blijkens zijn website groter: “We stevenen af op de zesde massa-uitsterving”. Met veel goede wil zou je kunnen zeggen dat het een politieke beweging is die eisen formuleert in de richting van de overheid. Maar de uitstraling is eerder die van een opwekkingsbeweging die niets verwacht van de onverbeterlijke elite en alles van het binnenkort tot inkeer gekomen volk. Hier raakt de beweging ook aan het marxisme.

Marx

In de negentiende eeuw ontstond een niet- of half-religieuze apocalyps-achtige toekomstvisie, het marxisme. Ruw samengevat 1. Het kapitalisme is de wortel van alle kwaad. 2. De meeste mensen (het ‘volk’) zijn goed maar een minderheid (de uitbuiters) hebben de macht waardoor wij naar de afgrond glijden. 3. Wanneer de ellende zijn dieptepunt bereikt breekt de revolutie uit, de slechten worden geëlimineerd, welvaart en macht worden eerlijk verdeeld. Het ‘wetenschappelijk’ marxisme bestaat nog steeds. Het is een gesloten denksysteem waar geen speld tussen te krijgen is. Slappe aftreksels vindt men in de Nederlandse politiek bij de SP en op de linkerflanken van GroenLinks en de PvdA (de ‘markt’, de ‘grote bedrijven’).

Geen andere wereld

Aannemende dat je (zoals ik) het klimaatprobleem ziet als het grootste wereldprobleem in de komende halve eeuw, dan is via het apocalyptisch denken – zowel in de post-christelijke als in de marxistische variant – geen oplossing te vinden. De christelijk-religieuze variant biedt uitzicht op een betere wereld dan de wereld die wij kennen. Wij kunnen de zondaars bestrijden en zo de huidige wereld vervangen door de betere. Zij die de waarheid kennen brengen de rest van de mensheid tot inkeer. Maar als je niet gelooft in het bestaan van die betere wereld dan zit er niets anders op dan de politieke weg te volgen.

De gedroomde wereld komt te laat

Het bezwaar tegen het wetenschappelijk (het serieuze) marxisme is tweeledig. Het eerste bezwaar is fundamenteel: onze reële wereld kent veel complexiteiten die buiten het marxistisch denkmodel vallen. Het loopt dus fout als men op basis van dat model de onafwendbaarheid van een bepaalde toekomst gaat voorspellen. Ten tweede, een praktisch bezwaar: het leerstuk van de Verelendung (steeds bredere lagen van het volk verarmen en een steeds kleiner deel wordt almaar rijker). De snelheid van die neergang van het volk is door de marxisten na Marx zodanig genuanceerd dat het best nog wel honderdvijftig jaar zou kunnen duren vóór de verlossende revolutie uitbreekt. Wat men daar ook van vindt, het is te laat voor het klimaatprobleem.

Blijft dus over: de politieke weg. Dat is voor veel christenen-zonder-god en zeker voor marxisten-zonder-Marx moeilijk te accepteren: regeringen behartigen immers in onze ‘neoliberale’ maatschappij vooral de belangen van de ‘markt’ en de ‘grote bedrijven’. Toch, in deze zondige wereld zullen de regeringen in Den Haag, Brussel, Parijs, Washington, etc. het moeten doen. Er zijn aanwijzingen dat ook Gretha Thunberg een beetje die kant op beweegt. Hopelijk geldt dat ook voor de demonstranten die morgen de A 12 in Den Haag gaan blokkeren.

Groene politiek en het optimisme

De Nederlandse politiek wordt provincialer en de traditionele media krimpen mee. Haagse macht glipt al jarenlang weg richting Europese Unie. Prima volgens mij, al wordt daar ook anders over gedacht. Grappig eigenlijk: bij de komende verkiezingen voor de Provinciale Staten is stikstof ineens top-issue en laten daar nou juist op EU-niveau al besluiten over genomen zijn. Dat zal wat worden als BBB en JA21 straks merken dat zij lid worden van een uitvoeringsmachine. In ieder Nederlands provinciehuis staat straks een olifant in de kamer: de naderende klimaatramp. Hoe gaat het eigenlijk met onze enige echte klimaatpartij?

Jesse Klaver kijkt naar de formule 1 races en vindt die leuk. Dat zei hij in een praatprogramma een paar dagen geleden. Hij wist zelfs hoe de kwalificaties waren verlopen. Een verrassing bij een politicus die – als ik het goed zie – de leider zou kunnen worden van een fusiepartij op links. Op zijn weg daarheen kan een klein maar belangrijk deel van Klavers toekomstige achterban zijn probleem worden, namelijk het wat humorloze partijkader van de PvdA.   

Het PvdA-kader lijdt aan een soort gereformeerde besmettingsangst: wie met pek omgaat wordt ermee besmet. In politieke termen: “wie van onze partij succesvol opereert in ‘Den Haag’ in de landelijke politiek, die houden wij scherp in de gaten dat is onze plicht en onze opdracht (en onze machtsbasis en onze reden van bestaan)”. Drijft onze man die daar in het Haagse Torentje in en uit loopt (of er als minister-president zijn bureau heeft) niet te veel af naar ‘de markt’? Diederik Samson is het klassieke voorbeeld van zo’n sociaaldemocraat. Zijn succes en zijn kwaliteit zijn hem in de Amsterdamse partijburelen tot op de dag van vandaag niet vergeven. Hij zit sindsdien in een zeer invloedrijke positie in Brussel. Het Europese klimaatbeleid vaart er wel bij.

Klaver is een talent in de Nederlandse politiek. Hij loopt al een flinke tijd mee maar brak nog niet echt door. In het begin dacht ik, laat hij iets richting het midden van de Nederlandse politiek opschuiven, laat hij met zijn persoonlijkheid de GroenLinks achterban uitbreiden ver buiten die oude kern van wandelaars op geitenwollen sokken en de ‘generatie’ die zich aan mooie schilderijen vastplakt, kortom met mensen die intuïtief aanvoelen dat het aanpakken van het klimaatprobleem niet kan wachten op “het fundamenteel veranderen van de economische structuur”. Vooral niet als die laatste erg vaag wordt geformuleerd en er impliciet ook nog vanuit wordt gegaan dat Nederland in de wereld voorop kan lopen met zo’n structuurverandering.  

Het vermogen ergens plezier in te kunnen hebben, om iets simpelweg leuk te vinden zelfs al hoort het in de categorie “oppervlakkig vermaak” is voor een politicus belangrijk. Een leider op links moet niet geobsedeerd zijn door zorgelijke ontwikkelingen, onrecht en dingen die fout gaan. Ook positieve ontwikkelingen zien bedoel ik en je hersens niet laten afdrijven naar doemscenario’s. Politiek is problemen benoemen in praktische termen en ze gaan oplossen. Sla dat vergaderzaaltje met gemelijke partijkaders een keer over en geef je over aan de verslavende aanblik van die prachtige, monsterachtige racewagens die als vluchtende kakkerlakken over het asfalt schieten. Max Verstappen vanaf pole-position! En trouwens, formule 1 of synchroonzwemmen dat maakt niet uit.

Ik neem aan dat Klaver ook kijkt naar hoe de Grünen in Duitsland meeregeren. Als je ziet hoezeer klimaat en natuur op dit moment ook in ons land zijn aangekomen in het midden van de samenleving dan heeft de partij een erg bescheiden plaats in de Nederlandse politiek. Robert Habeck zou het Duitse model voor een toekomstige Jesse Klaver kunnen zijn. Hij is minister Economische Zaken en Klimaat, een essentiële combinatie in de komende jaren. Ook Habeck heeft te maken met partijbureaucraten, doemdenkers en ideologische Strijders Tegen Het Kwaad. Habeck en Klaver zijn beiden politieke slangenmensen en kunnen een goed verhaal overbrengen via de media: decarboniseren zonder de-industrialisatie en werkloosheid.

Annalena Baerbock en Robert Habeck

Waarom komt Jesse Klaver in een belangrijke lezing in hemelsnaam met Joop de Uyl aanzetten? Hier spreekt Habeck vanuit het politiek incorrecte oord Qatar. En hier spreekt hij op gedurfde wijze die kiezer toe die alleen uit zijn stoel komt als de overheid betaalt (zet het schuifje op 6.00 minuten). Klaver zal zich moeten richten op het thema klimaat en economie. Niet alleen, om het op z’n Duits te zeggen als Fundi maar ook als Realo. Niet klagend en verwijtend en zoekend naar schuldigen maar optimistisch. Mijn gevoel zegt mij namelijk dat groene politiek economisch mogelijk is en de komende dertig jaar succesvol zal zijn. Habeck krijgt dit jaar voor zijn communicatie de belangrijke Ludwig-Börne-Preis.

Annalena en de grote, ruwe wereld

Jan Willem Schnerr

Indrukwekkend

Zo’n tien of vijftien jaar geleden zag ik een foto van een knappe jonge man op een schavot, strop om de nek, handen op de rug gebonden. Een raar detail: zijn polsen, achter op de rug, waren kennelijk niet erg strak gefixeerd want hij zag kans om met één hand vanaf zijn heup de samengestroomde menigte te groeten. Met een merkwaardig berustende glimlach. Die foto heb ik nooit meer teruggezien en ik zoek hem ook niet op. De man was veroordeeld wegens homoseksualiteit en de terechtstelling vond plaats in Iran. Hij was indrukwekkend in zijn laatste minuut.

Het was de tijd waarin de Verenigde Staten Europa onder druk zette om zich aan de draconische sancties tegen Iran te houden; “Daar worden mensenrechten geschonden”. Dat was inderdaad wel duidelijk, ‘westerse waarden’, etc. De jaren daarna kwam de kwestie van de Oeigoeren in China prominent in de media. Inmiddels weet Europa en vooral Duitsland, de economische reus, zich geen raad met het Rijk van het Midden. Het is koorddansen tussen exportindustrie en idealen. Vanaf de zijlijn waarschuwde Annalena Baerbock, minister van Buitenlandse Zaken China voor de laatste maal. Als leek denk ik: zij heeft gelijk maar werkt het wel zo?

Qatar na het voetballen

In het geval van China gaat het om veertienhonderd miljoen mensen. In Qatar om 380.000. Daar zit een factor 4.000 tussen. Toch werkte het gek genoeg ook in Qatar niet. Waarom? Qatar, dat iets groter is dan de stad Utrecht heeft een gasvoorraad waarmee de eigen bevolking (inclusief gastarbeiders) in theorie nog zeshonderd jaar vooruit kan. Reken je het huidige exportvolume mee dan hoeven zij zich nog 130 jaar geen zorgen te maken. Tegen die tijd staan zelfs windmolens en zonnepanelen alleen nog in musea. Vandaar dat Qatar (nog tijdens het WM voetbal) een reusachtig gascontract sloot met China, vóórdat het te laat is en het gas niets meer waard.  

De Duitse minister Nancy Faeser herinneren wij ons van de wedstrijd van het Duitse elftal. Met blote armen en een one love armband zat zij op de tribune naast de gastheer en de weerzinwekkende FIFA-baas Infantino. Goed bedoeld. Maar wat haar in Qatar vooral kwalijk werd genomen, is dat zij binnenskamers een ander gezicht liet zien en buitengewoon vriendelijk en toeschietelijk met de Qatarese machthebbers omging. Duitsland heeft gas nodig. De bejegening in het openbaar (de hele Arabische wereld zat voor de buis) van de gastheer deed niet ter zake. De omgangsvorm in Arabische landen en in het algemeen in Azië is dat men binnenskamers zo nodig snoeihard onderhandelt maar de ‘tegenpartij’ niet publiekelijk schoffeert. Zijn onze omgangsvormen superieur? Dan moeten wij zo doorgaan.

Januari 2022: Baerbock (41) door Lavrov (18 jaar minister) uitgedaagd om ’s middags wodka te drinken: „Wenn mittags Wodkatrinken Härtetest ist…. Ich habe zwei Kinder geboren.“

Prins Salman de Machtige

Naar het schijnt wil Saoedie-Arabië in 2030 het WK voetbal in huis halen. En onlangs werd bekend dat het ook de Aziatische Winterspelen van 2029 mag organiseren. Xi Jinping was onlangs bij hem op visite. Één ding werd duidelijk: Amerika moet zijn invloed in die regio gaan delen met China. De ‘Groene’ Annalena Baerbock gaat intussen door met haar ‘feministische buitenlandpolitiek’. Ja, mijn sympathie heeft zij maar … ik denk bij Europa wel eens aan welvarende kinderen in een veilige villawijk die beginnen te vermoeden dat het verderop een stuk rauwer toegaat.

Duitsland en Europa en China

Scholz en de keizer

De belangrijkste Europese politicus die de hoogste Chinese leider bezoekt, tegen de wens van Washington in en met ‘de keizer’ praat over het niet-gebruik van kernwapens in Europa. Dat had iets meer aandacht van de Nederlandse media verdiend.

Scholz was een paar dagen geleden in China. Negen uur ‘lang’. Zijn reis werd vanuit Washington kritisch gevolgd. Veel media in Europa namen die kritiek over: “het Westen moet eenheid tonen naar China”. Dat was een stapje terug naar de romantische kijk op de verhouding tussen de VS en Europa. De episode Trump had zelfs veel ‘Atlantici’ tot het inzicht gebracht dat de belangen van Europa en de VS niet identiek zijn. Onder Biden is dat inzicht weer wat uit beeld geraakt. Een Europese leider heeft natuurlijk het volste recht om naar Peking te reizen zonder toestemming van Washington. Maar … werpen sommigen op, ‘hij vertegenwoordigt niet de Europese Unie maar alleen Duitsland’. Die opmerking snijdt hout. Het punt is dan wel dat je met dat argument blijkbaar voorstander bent van afschaffing van het vetorecht binnen de EU bij besluiten over buitenlands beleid. Macron ijvert voor dat laatste en de Franse kritiek op de reis van Scholz is daarom consistent. De Nederlandse politiek houdt nog vast aan de wereld van gisteren. Scholz’ reis was in onze media geen nieuws.

Op de voorgrond

Wat besprak Scholz zoal met Grote Leider Xi? Om te beginnen twee dingen, een fundamentele zaak en een belangrijke zaak: kernwapens en coronavaccins. Wat dat eerste betreft, precies op het moment dat Scholz na afloop zijn persconferentie gaf kwam het bericht door dat staatshoofd en partijleider Xi Jinping, sich im Gespräch mit dem Bundeskanzler gegen den Einsatz von Atomwaffen in Europa ausgesprochen habe. Opvallend! De laatste 75 jaar was de bescherming van Europees grondgebied tegen de vijandelijke inzet van atoomwapens alleen een gespreksonderwerp tussen Europa en Grote Broer Washington. Wat betreft het tweede punt: Scholz sloeg een klein bresje in het verbod op niet-Chinese vaccins. Biontech mag nu voor alle buitenlanders in China gebruikt worden. Dit kan het begin van iets groters worden. Voor Biontech, maar ook voor China. De communistische partij zit geweldig in zijn maag met het coronafiasco maar de bevolking mag niet de indruk krijgen dat de Grote Leider een ernstige fout heeft gemaakt.

Op de achtergrond

Twee andere onderwerpen – Taiwan en de Uiguren – bleven een beetje op de achtergrond. Taiwan is in de categorie fundamenteel. Amerikaanse presidenten kiezen er in toenemende mate voor om binnenlandse economische problemen te koppelen aan het optreden van ‘systeem rivaal’ China. Biden zet die politiek voort, zij het iets subtieler dan Trump. Wordt Taiwan daardoor in de komende jaren het speerpunt van ‘het vrije Westen’? Zet ook Europa zijn economische relatie met China op het spel ‘ter verdediging van de democratie in Taiwan’? Het probleem is, ook al zijn Europese en Amerikaanse belangen hier zeker niet identiek, dat de Europese Unie niet het geopolitieke gewicht heeft om al te duidelijk een eigen koers te varen.  

De onderdrukking van de Uiguren (moslims) zijn het andere thema dat extreem gevoelig ligt in Peking. Voor de groene Duitse minister van Buitenlandse Zaken Annalena Baerbock – door Scholz niet meegenomen op zijn reis naar Peking – is dat zo ongeveer het hoofdthema in de relatie met China. Begrijpelijk, ware het niet dat de racistische politiek van India ten aanzien van de 170 miljoen moslims in dat land door de vingers wordt gezien. In grote delen van de wereld neemt men dit niet waar als mensenrechtenpolitiek maar als meten met twee maten. India is in het conflict met China immers een bondgenoot van de VS en daarmee min of meer deel van ‘het vrije westen’.

It’s the economy stupid!

Zie ik nog iets over het hoofd? Oh ja, met Scholz reisde een kleine delegatie van topmensen uit het Duitse bedrijfsleven mee, Volkswagen, Siemens, BASF, Biontech, enzovoort. Daar was in Duitsland veel stampei over. Moeten Duitsland en Europa niet juist een begin maken met het economisch isoleren van systeem rivaal China? China economisch afkoppelen zoals de Amerikanen nu systematisch doen? Liever niet vindt Scholz blijkbaar: alleen al de auto-industrie in Europa staat voor 2,5 miljoen direct gerelateerde arbeidsplaatsen, dus nog los van die andere sectoren die meereisden.

Wat was eigenlijk de essentie van dit merkwaardige bezoek? Ik denk dat Scholz twee punten heeft gescoord. Hij heeft aangegeven dat Duitsland niet (althans niet vrijwillig) de economische banden met China zal verbreken. En hij heeft laten blijken dat Europa zijn meest essentiële belang – geen inzet van kernwapens op Europees grondgebied – niet alleen in Washington maar ook in Peking aan de orde stelt, daarbij inschattend dat China in de komende jaren een toenemende invloed krijgt op het Russische beleid.

Olaf Scholz is niet minder een strateeg dan Merkel.

Siemens, kantoor Shanghai, 1911

Israël: klaar voor een tocht terug de woestijn in?

De vijfde Israëlische verkiezingen in vier jaar bezorgden oud-premier Netanyahu en zijn bondgenoten 64 van de 120 parlementszetels. Als je wat preciezer kijkt naar die meerderheid van vier zetels gaat het om een verpletterende overwinning. Netanyahu’s naar Europese maatstaven erg rechtse Likoed partij vormt nu een regering met een paar religieus-nationalistische en ultra-orthodoxe partijen. Verslagen is het centrum-linkse blok zoals de media het allegaartje van anti-Netanyahu partijen noemen.

Continue reading

Giorgia Meloni als 68e naoorlogse regeringsleider van Italië

Meloni is lange tijd onderschat. Zij was ook heel jong toen zij jaren geleden in een regering Berlusconi zat. Nu is zij 45 jaar en wordt waarschijnlijk de nieuwe Italiaanse premier. In vier jaar ging haar partij van vier naar zesentwintig procent. Zij heeft weinig regeringservaring, laat staan op Europees en internationaal niveau. Met argusogen wordt naar haar partij Fratelli d’Italia – Broeders van Italië – gekeken. “Neofascisten.”

Continue reading

“Poetins oorlog”, schokken en continuïteiten

Ik probeer al kranten lezend en websites bezoekend overzicht te behouden in deze turbulente tijd door continuïteiten en discontinuïteiten te inventariseren. Concreet: leidt de oorlog in Oekraïne momenteel tot een fundamentele verschuiving? Zo ja, welke? Voor het beantwoorden van zo’n vraag wordt meestal verwezen naar geschiedenisboeken die daarover in de toekomst zullen verschijnen. Gezien mijn leeftijd loop ik daar toch maar op vooruit. 

Continue reading

Johnson en Scholz, de circusdirecteur en de ‘saaie’ kanselier

Saai

Olaf Scholz en Boris Johnson verkeren beiden in een lastige situatie. Duitsland is het invloedrijkste land van Europa maar zodra het iets doet dat lijkt op machtspolitiek komt vanuit alle hoeken het naoorlogs verzet tevoorschijn. Ten tijde van de financiële redding van de Grieken werd Angela Merkel in de kranten daar ongestraft met Hitlersnorretje afgebeeld. Dat naoorlogs effect was tevens de reden dat Berlijn de zaken niet erger wilde maken door openlijk te vertellen dat de belangen van het Duitse bankwezen ook op het spel stonden. Dat laatste was voor media elders reden om van Duitse schijnheiligheid te spreken. Dat is een volgend probleem voor een Duitse kanselier (Luuk van Middelaar wees er al op in de NRC): het verzwijgen van nationale belangen, doodnormaal in Parijs, Londen en Washington, begint tot erosie van de Duitse geloofwaardigheid te leiden. “Zeg die dingen dan gewoon”, ben je geneigd te roepen. Maar een bondskanselier heeft te maken met een eigen bevolking die is opgegroeid in een opvoedings- en onderwijscultuur die tot in de haarvaten is doortrokken van Duitse schuld aan zo ongeveer alles wat in de laatste twee eeuwen fout is gegaan.

Continue reading

Klimaatramp: Europa als laboratorium, Azië als centrum

Europa loopt voor

Europa is hard bezig met zijn project om de klimaatramp af te wenden (het “Fit for 55”-pakket). Het begint erop te lijken dat zelfs de enorme stoorzender die de oorlog in de Oekraïne vormt geen blijvende invloed zal hebben op de koers van dit gigantische en zeer complexe project. Het is relevant om de concreetheid en de consistentie van het klimaatbeleid van de EU te leggen naast het beleid en/of de beloftes die zijn gedaan door de VS, China en India. Het gaat met die drie immers om het machtigste land ter wereld (VS) met de meeste hefbomen om andere landen onder druk te zetten en de twee landen met de grootste bevolkingsomvang (China, India). De concrete plannen van de Europese Unie steken gunstig af tegen het glibberige nietsdoen van India, de nog niet duidelijke koers van Peking en tegen de plannen van de Amerikaanse regering. Het is onzeker of die Amerikaanse voornemens standhouden tegen een eventuele republikeinse verkiezingsoverwinning in 2024. Dat is pijnlijk want voor het klimaat zal doorslaggevend zijn wat de drie reuzen gaan doen.

Continue reading